Relateren en structureren

    Door leerstofonderdelen aan elkaar te relateren en door de structuren van een leerstofgebied in kaart te brengen krijg je meer inzicht in de stof, waardoor je die ook gemakkelijker kunt onthouden.


    Hoe leg je relaties tussen leerstofonderdelen?

  • Ga na hoe een leerstofonderdeel samenhangt met de grote lijn (zie 'oriŽnteren op leerstof')
  • Ga na wat de verschillende onderdelen van een leerstofgebied met elkaar te maken hebben
  • Zoek naar overeenkomsten en verschillen tussen theorieŽn, visies, conclusies, formules e.d.
  • Vraag je steeds af waarom bepaalde gegevens leiden tot bepaalde conclusies
  • Bedenk wat het verband is tussen de gegeven voorbeelden en de begrippen die uitgelegd worden
  • Vergelijk de nieuwe kennis met datgene wat je al weet of wat je in andere vakken hebt geleerd


    Hoe breng je structuur aan in de leerstof?

  • Besteed aan het begin van een vak15 minuten aan:
  • het maken van een schema van de grote lijn in een vak; gebruik hiervoor de inhoudsopgave van een boek of de vakomschrijving uit de studiegids
  • het maken van een schema van datgene wat je al weet over dit onderwerp (dit noemen we een 'mind-map'; dat is een schema dat in jouw hoofd zit, maar dat je je nog niet zo bewust was)
  • het vergelijken van je mind-map met het schema dat je hebt gemaakt op basis van de inhoudsopgave
  • Stel dit schema steeds bij op basis van datgene wat je hoort op colleges en leest in de leerstof
  • Ga na welke onbewuste modellen je hanteert bij bepaalde begrippen (techniek studenten)
  • Maak een lijst van kernbegrippen, kerndefinities of kernformules
  • Werk met structuurschema's i.p.v. samenvattingen; dat scheelt veel tijd en is even effectief
  • Hang de structuur op aan een ordeningsprincipe; voorbeelden van dergelijke ordeningsprincipes zijn:
  • feiten - argumenten - conclusies
  • principes - voorbeelden daarvan
  • oorzaken - gevolgen
  • oude situatie - ingreep - nieuwe situatie
  • e.d.