Tentamen doen

Te laat begonnen met de voorbereiding van een tentamen?!
Echt de laatste keer ?!

Vooraf:
  • Kom je in tijdnood maak dan keuzen, maar doe niet alles half
  • Pas op voor het verbrokkelingssyndroom (d.w.z. veel vakken allemaal een beetje half doen)
  • Maak een analyse van oude tentamens (let er wel op dat ze van dezelfde docent zijn!) door per vraag te turven over welk leerstofonderdeel de vraag handelt. Wanneer bepaalde onderwerpen een hoge score hebben, vindt de docent ze waarschijnlijk erg belangrijk
  • Koop tentamenbundels en maak enkele oude opgaven
  • Zoek oude tentamens bij ouderejaars of bij de studievereniging of raadpleeg de digitale tentamenbank
  • Vraag de docent om enkele voorbeelden van tentamenvragen en voorbeelden van goede en slechte uitwerkingen van die vragen
  • Bestudeer de belangrijkste onderwerpen; deze weet je doordat je een beeld hebt gekregen van wat de docent belangrijk vindt op basis van je aantekeningen of door een tentamenanalyse te maken
  • Als je erg opziet tegen de tentamenvoorbereiding maak die 'berg' dan klein door hem op te splitsen in kleine deeltjes; zeg tegen jezelf ik moet een half uur daaraan werken; je zult merken dat je, als je eenmaal bezig bent, ook wel zin hebt om langer door te gaan
  • Studeer actief door te markeren, gedachten bij de stof op klad te schrijven, over de stof te discussiŽren en te zoeken naar toepassingen in je eigen situatie (hobby, bijbaan, club e.d.)
  • Vraag medestudenten om hulp als je iets niet begrijpt. Vaak heeft ander daar ook profijt van.

  • Tijdens het tentamen:
  • Plan de hoeveelheid tijd die je per vraag denkt nodig te hebben
  • Als je voor het eerst de tentamenvragen doorleest, schrijf dan meteen je eerste associaties op een kladje. Deze associaties zijn heel globaal en hoeven niet per sť meteen goed te zijn, want later, bij de echte uitwerking van de vragen, worden ze door jou uitgebreid, gecontroleerd en in een logisch verband geplaatst
  • Maak gebruik van je acroniemen (zie voorbeeld 'acroniemen' )
  • Schrijf datgene wat je weet op klad als geheugensteuntje, maar ga eerst verder met vragen die je wel weet
  • Als je tijd over hebt, corrigeer dan je antwoorden op details en eventuele rekenfouten

    Bij meerkeuze toetsen:
  • Schrijf bij het doorlezen van de vragen (zonder te kijken naar de alternatieven) je eerste associaties op een kladje
  • Bij meerkeuzevraag tentamens met 4 alternatieven zijn er vaak 2 die echt fout zijn. Probeer deze eerst te ontdekken en schrap ze weg.
  • Vergelijk je eerste associaties met de alternatieven.
  • Let op dubbele ontkenningen, want die werken heel verwarrend.
  • Let op kwalitatieve termen. Absolute termen zoals 'altijd', 'nooit', 'noodzakelijk' of 'moeten' zijn zelden juist. Relatieve termen als 'zelden', 'vaak', 'waarschijnlijk' e.d. zijn vaak juist.

  • Bij vraagstukken
  • Analyseer het 'gegevene' en het 'gevraagde'
  • Destilleer de kernbegrippen uit het vraagstuk
  • Zoek de formules bij de begrippen (denk aan je lijstje met b.v. 'kernformules' )
  • Gebruik de systematische probleemaanpak

  • Bij essay-vragen
  • Let op de structuur van je antwoord
  • Let op de logische argumentatie van je antwoord
  • Schrijf eerst de trefwoorden voor de beantwoording op een kladje
  • Breng structuur aan in je antwoord en in je argumenten
  • Schrijf dan pas je antwoord uit

  • Na afloop
  • Zorg ervoor dat je erachter komt waarom jij een eventuele onvoldoende hebt gehaald. Als je dat weet kun je doelgerichter studeren voor de herkansing
  • Mogelijke oorzaken van onvoldoendes:
  • Niet alles bestudeerd
  • De leerstof niet begrepen
  • De leerstof verkeerd begrepen
  • Te globaal beantwoord
  • Te veel details vergeten op te schrijven, terwijl je ze wel in je hoofd had
  • Geen antwoord gegeven op de vraag
  • Geen goede structuur gebruikt bij de beantwoording en de argumentatie
  • Het tentamen vroeg om feitenkennis in plaats van inzicht
  • Het tentamen vroeg om inzicht in plaats van feitenkennis